125 voorbeelden van narcistisch gedrag

‘Alle vrouwen zeggen dat hun ex-partner een narcist is’. Dat hoor ik zo vaak. Dat het gebruikt wordt als stok om mee te slaan of om zichzelf achter te verschuilen. Zo worden slachtoffers direct al monddood gemaakt. Maar wat als de (ex-)partner wel degelijk gebruik maakt van narcistisch gedrag en de ander daarmee beschadigd? Diagnose of niet.

De diagnose Narcistische Persoonlijkheidsstoornis (NPS) wordt niet vaak vastgesteld. Niet omdat het niet waar is, maar omdat de narcist zelf gelooft in het zelfgeschapen ideaalbeeld en niet in kan zien dat hij of zij hulp nodig heeft. Daarnaast durft hij of zij het niet aan zich open te stellen in een hulptraject uit angst voor de pijn en onzekerheid die dat met zich meebrengt. Die juist de reden zijn van het ontstaan van de stoornis, uit bescherming.

Diagnose of niet?

Bij de vrouwen en mannen die ik spreek in mijn praktijk gaat het helemaal niet om het stellen van de diagnose, het plakken van een etiket of een stok te hebben om mee te slaan. Ze willen zich beschermen tegenover het narcistische gedrag dat passend is bij de stoornis. Zo voorkomen ze dat ze er nog meer door beschadigd raken.

Daarom is het ook zo belangrijk om het narcistische gedrag te herkennen. Dit helpt je om adequaat te reageren. Hieronder tref je 125 voorbeelden vanuit literatuur en studies van de NPS én vanuit mijn praktijk.

De persoon met het narcistische gedrag:

  1. Is aardig, liefdevol, attent, behulpzaam.
  2. Hoort je uit en past zich helemaal aan bij wat jij leuk (niet) vindt, nodig hebt etc.
  3. Laat je voelen dat je de meeste fantastische persoon op aarde bent.
  4. Overlaad je met liefdesverklaringen.
  5. Roemt je om je uiterlijk, je baan, je prestaties etc.
  6. Praat heel snel over houden van, samenwonen, trouwen, kinderen krijgen.
  7. Is prima gezelschap zolang je in zijn of haar spoor meeloopt.
  8. Vertoont afstotend gedrag als je minder aandacht geeft en/of grenzen trekt.
  9. Speelt in op je liefde en schuldgevoel door zich kwetsbaar op te stellen, veel te huilen.
  10. Zegt dat hij of zij alles doet wat hij naar je doet uit liefde.
  11. Uit kritiek, maar zegt kort daarna het tegenovergestelde met ‘Ik meende het niet op die manier’.
  12. Haalt je uiterlijk, je baan, je prestaties etc. onderuit.
  13. Speelt in op je verleden, gebruikt het tegen je.
  14. Verwart door alles te verdraaien.
  15. Toont egoïstisch gedrag.
  16. Is naar buiten toe de aardige, gevierde, leuke man of juist heel bescheiden, zelfs angstig. Is de charmante, behulpzame, lieve vrouw of gedraagt zich juist keihard.
  17. Trekt in gezelschap alle aandacht naar zich toe, ook bij begrafenissen. Alles draait om hem of haar.
  18. Is in gezelschap timide, rustig en introvert.
  19. Gedraagt zich in gezelschap voorbeeldig tegen je, terwijl thuis het gedrag omslaat.
  20. Geeft je in het openbaar standjes.
  21. Wil alleen maar complimenten horen, anders wordt hij of zij boos.
  22. Ervaart alles wat je zegt als een aanval.
  23. Vertelt je wat je moet denken, voelen, eten, hoe je je moet kleden.
  24. Draait onderwerpen in gesprekken handig om naar hem of haar als het over iets of iemand anders gaat.
  25. Heeft iemand iets nieuws gekocht of een mooie ervaring gehad, dan wordt een compliment gegeven, aangevuld door een sneer om het onderuit te halen.
  26. Blijft net zolang treiteren en sarren tot je boos wordt of zelfs letterlijk van je afslaat en gebruikt het dan tegen je “Je bent zo agressief”. Vertelt dat je daaraan moet werken of vertelt het anderen om zichzelf als slachtoffer te positioneren.
  27. Haalt de lol uit je aankoop of belevenis door het onderuit te halen of beter te hebben.
  28. Maakt (continu) ruzie.
  29. Loopt weg als er ruzie is.
  30. Kan vreselijk mokken.
  31. Lokt empathie, sympathie en medelijden uit door te vertellen over zijn of haar vreselijke jeugd of eerdere relaties waardoor je toegeeft aan hem of haar.
  32. Zoekt continu bevestiging.
  33. Beweert dat je gek bent en hulp moet gaan zoeken. Of dat dat nooit meer kan helpen, zo ver ben je al heen.
  34. Leg al zijn of haar fouten bij jou.
  35. Zegt dat je nooit iets goed doet, nergens voor deugt.
  36. Keert de schuldvraag om. Het ligt altijd aan jou of een ander.
  37. Legt de schuld bij zijn of haar ex-partner als hij of zij de kinderen niet meer ziet terwijl het de eigen keuze is. Of de keuze van de kinderen.
  38. Kan geen empathie voelen, maar maakt wel misbruik van de jouwe.
  39. Probeert op alle manieren te voorkomen dat jij energie opbouwt.
  40. Houd je ’s nachts wakker met hard omdraaien, je aanstoten, ruzie maken etc.
  41. Maakt ruzie voorafgaand aan een feestje of iets anders. Speelt daar zelf mooi weer, terwijl jij helemaal leeg bent.
  42. Pikt je hobby’s in of haalt ze omlaag.
  43. Isoleert je door kwaad over jou te spreken tegen omstanders en andersom.
  44. Wil dat je stopt met werken of voor hem of haar werkt.
  45. Stelt zich zielig op voordat je iets voor jezelf gaat doen waardoor je met een schuld- en rotgevoel weggaat.
  46. Lokt eindeloos discussies en ruzie uit.
  47. Is seksverslaafd.
  48. Gaat vreemd. Soms met meerdere tegelijk.
  49. Geeft jou de schuld van zijn of haar vreemdgaan. Het ligt aan wat jij doet en/of zegt.
  50. Dreigt, gebruikt emotionele chantage.
  51. Troggelt je geld af.
  52. Maakt je financieel afhankelijk.
  53. Is niet betrokken bij jou en je leven.
  54. Houdt geen rekening met je.
  55. Kan geen vriendschappen onderhouden. Alleen korte, steeds wisselend.
  56. Heeft schulden.
  57. Doet zichzelf beter voor dan hij of zij is.
  58. Belooft gouden bergen, maar komt niets na.
  59. Vertoont steeds meer afwijkend gedrag. Wordt bijvoorbeeld ook fysiek en/of seksueel agressief.
  60. Doet niet wat hij of zij zegt.
  61. Zegt A, schrijft B, doet C.
  62. Lacht je uit en als je dan boos wordt, gaat hij of zij huilen en/of je de liefde verklaren.
  63. Straft met woedeaanvallen of negeren.
  64. Kan van een op ander moment om niets in woede uitbarsten en daarna opeens weer vrolijk zijn en doen alsof er niets gebeurd is.
  65. Overruled je in gesprekken met zijn of haar kennis en bespraaktheid
  66. Wisselt aardig, liefdevol gedrag af met onderuithalend gedrag.
  67. Verpest verjaardagen, feestdagen, vakanties.
  68. Komt afspraken niet na.
  69. Doet net of dingen nooit besproken zijn of zijn plaatsgevonden of juist wel, terwijl het niet waar is.
  70. Spreekt over eerlijkheid, vertrouwen als zijn of haar belangrijkste waarden, terwijl hij of zijn liegt, vreemdgaat etc.
  71. Zegt het ene in de ene mail, het andere in een andere mail. Spreekt zichzelf tegen.
  72. Kan niet reflecteren en eigen fouten onderkennen.
  73. Wil dat alles zo gaat als hij of zij wil.
  74. Vindt zichzelf fantastisch.
  75. Kleedt zich zoals hij of zij wil, ongeacht voorschriften.
  76. Heeft wat jij (of anderen) meemaakt altijd beter of juist slechter.
  77. Vindt dat hij of zij niets verkeerd doet of gedaan heeft.
  78. Focust altijd op het negatieve.
  79. Zeg dingen niet gedaan te hebben terwijl het wel zo was. En andersom.
  80. Legt een dubbele lading in wat hij of zij schrijft of zegt.
  81. Laat zich niets aan normen, waarden en regels gelegen liggen.
  82. Weet met blikken en uitdrukkingen precies weer te geven wat hij of zij van je vindt.
  83. Wordt boos als iets op de verkeerde plek staat. Zet je het ergens anders, dan staat het ook daar niet goed.
  84. Wil oude kaas als je jonge kaas hebt gekocht en andersom. Barst er in woede over uit.
  85. Claimt je continu.
  86. Is achterdochtig, controleert je continu.
  87. Breekt in in je online omgeving.
  88. Volgt je met een trackingsysteem.
  89. Is vreselijk jaloers.
  90. Laat je niet met rust als je een keer weg bent met vrienden en/of vriendinnen. Blijft appen en bellen, of komt je zelfs opzoeken.
  91. Wil geen hulp zoeken om de relatie te redden. Het ligt bij jou.
  92. Geeft politiek correctie antwoorden als hij zij dat wel doet.
  93. Vertrekt als de therapeut het spel doorheeft.
  94. Gebruikt therapie als argument om iets van je gedaan te krijgen.
  95. Stelt zich op als de zielige partij, zeker na een scheiding.
  96. Stalkt met appjes, mails, brieven, maar ook letterlijk. Tijdens de relatie, maar zeker na de scheiding.
  97. Neemt je niet serieus als je aangeeft te willen scheiden. Negeert het en negeert jou.
  98. Stemt in met de scheiding, maar doet vervolgens niets. “Ik hoef niets. Jij wilt weg. Ik zit hier goed”.
  99. Overlaad je met liefdesuitingen als je bij hem of haar weg wilt gaan of bent gegaan.
  100. Toont zich berouwvol om dezelfde reden.
  101. Of huilt tranen met tuiten.
  102. Dreigt met zelfmoord.
  103. Keert al snel weer als een blad aan de boom om als je blijft of teruggaat.
  104. Zet je van het een op het andere moment op straat of is vertrokken.
  105. Traineert de scheiding door allerlei pietluttige dingen te eisen.
  106. Zorgt voor een hoog conflict scheiding. Hij of zij vecht – legt alles bij jou neer – en jij wordt gedwongen je te verdedigen.
  107. Zet anderen en instanties in in zijn spel tegen jou door kwaad over je te spreken of door het slachtoffer te spelen.
  108. Gebruikt de informatie die je in relatietherapie of mediation vertelt tegen je.
  109. Windt de relatietherapeut of mediator om zijn of haar vinger. Stapt op als dat niet lukt.
  110. Komt financiële verplichtingen en andere afspraken niet na.
  111. Spant steeds rechtszaken aan om je dwars te zitten.
  112. Mailt normaal met je om te willen gaan, maar negeert je volledig als je elkaar tegenkomt.
  113. Belaagt je nieuwe partner met het doel hem of haar weg te jagen.
  114. Plaats foto’s op social media die van jouw social media komen.
  115. Vertelt op social media hoe hij of zij je mist en de volgende dag hoe hij of zij je haat.
  116. Vertelt je dat zijn of haar nieuwe partner het helemaal is. Jij kunt daar niet aan tippen. Deze is zo fantastisch.
  117. Zet zijn of haar nieuwe partner tegen jou op waardoor je er twee tegenover je hebt staan.
  118. Reageert nergens op. Niet op telefoontjes, appjes, mailtjes.
  119. Staat onverwachts voor de deur of voor je neus.
  120. Rijdt regelmatig door je straat.
  121. Gedraagt zich angstig en afwerend naar je waar anderen bij zijn. Alsof je agressief bent geweest naar hem of haar terwijl dat niet zo is.
  122. Vertelt anderen over jouw vermeende agressiviteit.
  123. Gunt je je huisdier niet na de relatiebreuk en zet het ‘te geef’ op Marktplaats en laat je dat weten.
  124. Richt zich op het paranormale, het spirituele. Gebruikt het tegen je, misleidt er anderen mee.
  125. Verdraait de inkomsten van zijn of haar eigen bedrijf zodat hij of zij minder alimentatie hoeft te betalen.

Herkenbaar?

Wat een lijst, hè? Wellicht herken je het niet allemaal. Of weet je er nog meer. De ene narcist is de andere niet. Weet dat te maken hebben met een of een paar van deze narcistische gedragingen al voldoende is om je te beschadigen.

Deze lijst gaat om algemene gedragingen tijdens en na een relatie met een narcist. Het gedrag van de narcist naar zijn of haar kind(eren), heb ik hier niet bij gezet.

Wat nu?

Wil jij ervoor zorgen dat je niet verder beschadigd raakt? Wil je weten hoe je jezelf in bescherming neemt en daarbij dichtbij jezelf blijft? Ik leer het je graag in de training ‘Sterk staan tegenover narcistisch gedrag’ of in de 1-op-1 variant ervan, de Powerboost. Klink op de link van de training, daar vind je informatie over beiden.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *